Het Oosterbos oogt als een ongerept natuurgebied, maar de schijn bedriegt. Wat nu het Oosterbos is, was een eeuw geleden nog een kaal veenmoeras.
Het Oosterbos is aangeplant in de zeventiger jaren van de 20e eeuw door Staatsbosbeheer in het kader van de herinrichting van de Veenkoloniën. Het bos is grotendeels aangeplant op niet afgegraven hoogveen. Door het verhogen van het grondwaterpeil wordt getracht de aangroei van hoogveen te stimuleren. Het bos maakt deel uit van de boswachterij Emmen waartoe ook de Emmerdennen, het Noordbargerbos en het Valtherbos behoren.
Aan de rand van het Oosterbos ligt een aantal stenen bij elkaar. Ze zijn van dezelfde granietsoort. Sterker nog, waarschijnlijk waren ze samen ooit één grote zwerfkei. Veel zwerfstenen braken door het geweld van het kruiende ijs in stukken. Of ze knapten tijdens de laatste ijstijd onder invloed van de kou en ijs.
Bedekt door het veen
Eens lagen deze stenen hier in het zand van een kale helling van de Hondsrug. Na de laatste ijstijd, tienduizend jaar geleden werd het klimaat warmer. Er gingen planten, struiken en bomen groeien. En het veen begon te groeien. Het groeide na verloop van tijd tegen de Hondsrug omhoog. Centimeter voor centimeter bedekte het hoogveen de stenen van dit ‘Geologisch monument’. Uiteindelijk verdwenen de stenen compleet onder een dikke veendeken. De hele Hondsrug ten zuiden van Emmen werd door het veen bedekt.
Bij de receptie zijn gratis wandelroutes te verkrijgen.
Bron: Hunebedcentrum

